dinsdag 28 december 2010

Het spel.

Het spel dat gespeeld wordt, is een spel waar je niet uit kunt.
Zelfs als jij denkt dat je het nu door hebt dat het allemaal maar een spel is, is dat nog steeds een onderdeel van het spel.
Het is totaal onmogelijk dat jij er uit kunt stappen.
Of je nou wilt of niet, jij zult altijd een speler in het spel zijn.
Zelf als zou blijken dat er helemaal geen spelers in het spel zijn, dan nog kun jij dat niet weten.
Dat wat weet dat er geen spelers zijn weet voortreffelijk voor te wenden dat ze er wel zijn. En zo blijft het spel maar door gaan met spelers die ervan overtuigd zijn dat zonder hen het spel niet zou bestaan.
Een aantal uren per etmaal ben je even helemaal geen deelnemer meer van het spel.
De speler is verdwenen en het spel lijkt niet meer te bestaan.
Zijn die uren voorbij dan begint het hele spel weer van voor af aan.
Het spel speelt een spel met de speler van het spel.
De speler van het spel ziet niet dat hij het spel zelf is.
Het spel heet…

ZIJN


AYANOMA

vrijdag 17 december 2010

Vrolijk Kerstfeest

Je denkt toch niet echt serieus dat er ook maar iemand is die jou een Vrolijk Kerstfeest wenst?
Het is allemaal onderdeel van een prachtig en fascinerend spel.
Het spel dat nooit ophoud te bestaan.
De hele mikmak van kerst, de kerstsfeer in de winkelcentra, de kerstboom thuis, het mogelijke kerstdiner met je familie en of vrienden, allemaal prachtig en heerlijk om van te genieten.
Maar wie of wat is het die er van geniet.
Voor dat die zogenaamde jij het door heeft, heeft dat genieten al plaatsgevonden.
Jij huppelt er achteraan en claimt dat jij het bent die er van geniet.

Dat zogenaamde Vrolijk Kerstfeest vindt in werkelijkheid helemaal niet plaats.
Maar het lijkt allemaal wel heel erg echt.
Dat wat vrolijk is zal er altijd zijn ook zonder de wens dat het vrolijk moet zijn.

ZIJN

AYANOMA

woensdag 15 december 2010

Wakker worden.

Heb je wel eens geprobeerd om niet wakker te worden?
Het is onmogelijk.
Elke morgen gebeurt het. De periode van slaap is voorbij en het gewaar zijn begint.
En direct is het daar, het zinnetje “Ik ben wakker” of “Ik werd om zeven uur wakker”.
Zie dat de zogenaamde eigenaar (Ik) er als de kippen bij is om het te claimen.
Maar jij wordt niet wakker. Het gebeurt!
Vanaf dat moment begint het hele dagelijkse circus weer te draaien.
Ik stap uit bed. Ik loop de trap af. Ik ga ontbijten. Ik neem een douche.
Het is eigenlijk om te lachen als je op zo’n moment bijvoorbeeld ook nog denkt “Ik ben naakt” en even daarna “Ik heb kleren aan”.
En zelfs als je denkt dat jij het belachelijke ervan in ziet is het opnieuw jij die dat claimt.
Maar het is inderdaad wel om te lachen en dat is iets wat dus ook gewoon gebeurt net zo als dat wakker worden.

Jij kunt niet wakker worden.
Jij kunt niet lachen.
Jij kunt niet huilen.

Het gebeurt.

AYANOMA

dinsdag 14 december 2010

Wie ziet het?




AYANOMA

zaterdag 11 december 2010

De boodschap.

Hoe komt het dat de boodschap niet overkomt?

Omdat we het onmogelijke verlangen.

Ik wil dat iets wat ik vertel door jou begrepen wordt.

Daarvoor is een zender nodig en een ontvanger.

Wat we niet zien, of niet willen zien, is dat ze er geen van beide zijn.

Geen zender, geen ontvanger.

NIETS


AYANOMA

vrijdag 10 december 2010

De constante factor.

Kan “Ik” wel een constante factor zijn?

Steeds weer kom je die vraag tegen. Wie ben ik?
De vraag is eigenlijk maar beperkt tot het eerste woordje “Wie?”
Als dit “Wie?” verschijnt, verschijnt tevens de vragensteller.
Als dit “Wie?” verdwijnt, verdwijnt tevens de vragensteller.

Die zogenaamde “Wie” is hetzelfde als die zogenaamde “Ik”.
Het woord “zogenaamd” zegt het eigenlijk ook al. Er is een naam aan gegeven maar het stelt niets voor. Het is niets!.
Dat vinden we niet leuk… we willen niet niets zijn.

Liever blijven we op zoek. Waarnaar we op zoek zijn weten we helemaal niet.
Dat wat op zoek is noemen we die “Ik” en dat is nou juist de factor die er niet is.
Het is een factor die zich in allerlei gedaantes schijnt te vermommen en die we toch telkens weer “Ik” blijven noemen.
Sterker nog we hebben er iets van gemaakt dat zelfs geneigd is zich de eigenaar van die factor te benoemen. Dat is de wereld op zijn kop.
Die wereld op zijn kop is waarin de mens leeft.

In die wereld is die “Ik” er van overtuigd dat het zijn wereld is, dat het zijn leven is, dat het zijn lichaam is en knettergek genoeg schijnt er dan ook nog een versie van die “Ik” te bestaan die zegt “Ik ben niet dit lichaam”.
Als het zover is gekomen dan zit je pas echt goed in de shit want hier geef je te kennen dat je wel van die “Ik” af wilt maar tegelijkertijd het toch die “Ik” wil blijven noemen.

Het kan nog een stapje verder gaan als die “Ik” ook nog eens het “ZIJN” wil claimen.
Het “ZIJN” wordt dan “Er zijn” wat vervolgens weer verder gaat als “Ik ben”.
De beste verdraaiing hiervan vindt je in de volgende zin.
“Je moet er wel eerst zijn om te zeggen dat je er bent”.
Om de verdediging van die “Ik” nog een stapje verder door te voeren wordt er als slotstuk dan ook nog gezegd: “Je moet er wel eerst zijn om te zeggen dat je er niet bent”.
Het is het pleidooi van een advocaat die er niet is maar die kost wat kost die “Ik” in stand wil houden.

Die zogenaamde “Ik” kan nooit een constante factor zijn. Het is een schijnbare vertoning die zich in allerlei gedaantes weet te vermommen.

Dat wat IS, is de enige constante factor.
Een factor die letterlijk en figuurlijk “NIETS” voorstelt.

AYANOMA

dinsdag 7 december 2010

De Advaita Comfort Zone.

Als er een woord is dat in de boeken van Jed McKenna steeds weer terug komt dan is het wel het woord “Verder”.

Verder in de zin van als je denkt dat je er bent is het de kunst om je telkens weer te realiseren dat dit nog maar het begin is.

Het lijkt er echter steeds meer op dat er velen zijn die blijven steken in het zogenaamd begrijpen van alles. Er de zogenaamd juiste omschrijving voor hebben en op het zelfde moment niet door hebben dat ze hun eigen Advaita Comfort Zone aan het creƫren zijn.
Mogelijk moet je zeggen Maya op haar best.
Of zoals al eerder op deze Blog vermeld het vertoeven in de gouden kooi.

In de gouden kooi wordt alles opgepoetst en verheerlijkt. Daar wordt gesmeten met citaten van… ja van wie? Men wil graag vasthouden aan die citaten. Vasthouden op een manier waardoor men tegelijkertijd niet ziet dat er niets meer van het ware zelf aan te pas komt. Het is constant gebaseerd op uitspraken van (zogenaamde) anderen.
Nisargadatta heeft gezegd, Ramana Maharshi heeft gezegd, Jezus heeft gezegd etc. etc.

Het idiote van alles is dat er juist in die uitspraken nog zo duidelijk vertelt kan worden dat er niemand is die iets zegt, men toch weer zegt dat iemand dat gezegd heeft.
En zo blijft men dan rondlopen in een kring die ze zelf veroorzaken.
Vaak komt dit nog het meest tot uiting in de vorm van, “Ja maar hier is het weten wel aanwezig, maar die anderen weten het nog niet”
En dat is alweer zo’n uitspraak die je in die Comfort Zone gevangen houdt.

Verder wil zeggen dat “Ik Ben” niet het begin is van zelfrealisatie maar juist van dualiteit.
De aandacht richten op dat wat aan “Ik Ben” vooraf gaat en waar geen enkel woord voor te vinden is kan je weer uit die Comfort Zone halen.

Verder wil zeggen telkens weer opnieuw de prijs betalen van alles tot er niets overblijft.


AYANOMA

vrijdag 3 december 2010

Wat kost het?


Stel dat het zou kunnen. Ergens is een plek, laten we om in de sfeer te blijven zeggen een plek in India. Een klein winkeltje, zoiets als een sigarenzaak, en daar kun je het kopen.
“Verlichting” dat wil je!
Je moet er wel wat voor over hebben om er te komen maar dat geeft niet want uiteindelijk kom je er wel. Dan is het zover de reis is teneinde en je wilt weten wat het kost. Dan krijg je het prijskaartje te zien en vol verbazing zie je wat er op staat.

IK BEN

Wat is dat nou? Is dat wat het kost? Maar daar heb ik tijdens die reis al die tijd op zitten mediteren en het maakte de reis juist zo aangenaam. En nu is dat de prijs?
Je kunt het niet geloven en toch het blijkt zo te wezen. Je wilt er eerst nog over praten en nog eens en nog eens en dan uiteindelijk ga je overstag, dan moet het maar, het kan niet anders.

Dan is het zover, daar is het… Verlichting!
Maar denk je na een beetje gewenning is er eigenlijk wel zo veel veranderd. De bergen zijn nog steeds de bergen, de lucht lijkt net zo blauw als ervoor, is er dan niets veranderd.
Ja wat moet ik er dan mee. Ik ga terug naar die winkel en wil er eens over praten en tot je grote opluchting is er geen enkel probleem behalve dat je wat je er voor betaald hebt niet meer terug kunt krijgen.
Wat je wel krijgt is een tegoedbon en daar staat met grote letters op…

ZIJN

Nou ja denk je dan heb ik tenminste dat nog.
Eenmaal weer thuis aangekomen vertel je aan je partner hoe het gegaan is en je laat de tegoedbon zien. Nou... zegt je partner, dan had je jezelf een lange reis kunnen besparen want zo’n tegoedbon had je al die tijd al bij je. Ik had hem al op de dag dat ik ter wereld kwam en zelfs daarvoor was hij er al.
Die tegoedbon raak je ook nooit meer kwijt. Je hoeft hem ook niet te vermelden in je testament want hij blijft altijd.

Mogelijk denk je nu, ja leuk zo’n verhaaltje maar het is maar een verhaal.
Kijk dan is goed en zie in welk verhaal jezelf zit en wie weet zie je dat de tegoedbon het enigste was waar je nooit naar keek.

Veel plezier ermee.

AYANOMA