vrijdag 10 december 2010

De constante factor.

Kan “Ik” wel een constante factor zijn?

Steeds weer kom je die vraag tegen. Wie ben ik?
De vraag is eigenlijk maar beperkt tot het eerste woordje “Wie?”
Als dit “Wie?” verschijnt, verschijnt tevens de vragensteller.
Als dit “Wie?” verdwijnt, verdwijnt tevens de vragensteller.

Die zogenaamde “Wie” is hetzelfde als die zogenaamde “Ik”.
Het woord “zogenaamd” zegt het eigenlijk ook al. Er is een naam aan gegeven maar het stelt niets voor. Het is niets!.
Dat vinden we niet leuk… we willen niet niets zijn.

Liever blijven we op zoek. Waarnaar we op zoek zijn weten we helemaal niet.
Dat wat op zoek is noemen we die “Ik” en dat is nou juist de factor die er niet is.
Het is een factor die zich in allerlei gedaantes schijnt te vermommen en die we toch telkens weer “Ik” blijven noemen.
Sterker nog we hebben er iets van gemaakt dat zelfs geneigd is zich de eigenaar van die factor te benoemen. Dat is de wereld op zijn kop.
Die wereld op zijn kop is waarin de mens leeft.

In die wereld is die “Ik” er van overtuigd dat het zijn wereld is, dat het zijn leven is, dat het zijn lichaam is en knettergek genoeg schijnt er dan ook nog een versie van die “Ik” te bestaan die zegt “Ik ben niet dit lichaam”.
Als het zover is gekomen dan zit je pas echt goed in de shit want hier geef je te kennen dat je wel van die “Ik” af wilt maar tegelijkertijd het toch die “Ik” wil blijven noemen.

Het kan nog een stapje verder gaan als die “Ik” ook nog eens het “ZIJN” wil claimen.
Het “ZIJN” wordt dan “Er zijn” wat vervolgens weer verder gaat als “Ik ben”.
De beste verdraaiing hiervan vindt je in de volgende zin.
“Je moet er wel eerst zijn om te zeggen dat je er bent”.
Om de verdediging van die “Ik” nog een stapje verder door te voeren wordt er als slotstuk dan ook nog gezegd: “Je moet er wel eerst zijn om te zeggen dat je er niet bent”.
Het is het pleidooi van een advocaat die er niet is maar die kost wat kost die “Ik” in stand wil houden.

Die zogenaamde “Ik” kan nooit een constante factor zijn. Het is een schijnbare vertoning die zich in allerlei gedaantes weet te vermommen.

Dat wat IS, is de enige constante factor.
Een factor die letterlijk en figuurlijk “NIETS” voorstelt.

AYANOMA

2 opmerkingen:

  1. Eigenlijk had ik dit eerst moeten lezen in plaats van te reageren op je vorige bericht. Maar eigenlijk maak het niets uit. Mijn probleem blijft hetzelfde. Of ik zoek of het zoeken opgeef, ik kom geen stap verder. Of ik weet dat ik niet besta of uit niets besta of integendeel een manifestatie van het al, of ik getuige ben van dat schijnbare ik of zelfs een waarnemer van die getuige, telkens weer loop ik met mijn hoofd tegen een muur die evenmin bestaat als ik-zelve besta. Het heeft er de schijn van dat ik steeds maar in een kringetje rondloop en zo kom ik uiteraard geen stap verder.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hier staat het antwoord in de laatste zin van de reactie van dat wat will-Art genoemd wordt.

    Het heeft er de schijn van!

    AYANOMA

    BeantwoordenVerwijderen